Wednesday, March 14, 2018

Gespräch über Klimaschutz



die Älteren der Stadt und die Klimawandel

Herborn - Leonardo im Gespräch mit der lokalen Bevölkerung


die Älteren: "Ah, hätten wir ihre Probleme gehabt ...“




NB
Dit is een speldeprikje, uitgedeeld tijdens het "bestuderen" van het wel en wee van de climate wars. Voor die climate wars zie: climate deniers
Voor het eerste speldeprikje zie: mankind stumbles from blunder to blunder










Friday, March 9, 2018

inzicht op een rijtje

Deze tekst ligt min of meer in het verlengde van Arons’ marks - aan deze of gene zijde, ik zou zeggen er voor. Ik heb het over het begrip wetenschap zelf. Een begrip dat hier, op deze site, zo veelvuldig valt, om dan tegengestelde inzichten te legitimeren. Tegengestelde inzichten op het gebied van klimatologie.
Dank daarom aan Arthur Rörsch van climategate.nl, die met zijn hinten op die marks ook deze gedachten heeft opgeroepen

Wetenschap is eigenlijk een schap, dat naast kunde, vooral gevuld is met onkunde, met niet weten. Als je tenminste van één schap spreekt. Ik verplaats mij nu naar de wetenschapswinkel, waar ik drie verschillende schappen zie:
- een schap met KENNIS
- een schap met HYPOTHESE, testbare en reeds geteste
- een schap met SPECULATIE

Ik bedoel speculatie in positieve zin. Op basis van kennis en geteste hypotheses kun je best speculeren over wat er achter het doek plaats vindt, en niet zelden zullen speculaties tot hypothese worden, en daarna tot kennis.

Die winkel waar ik mij bevind staat uiteraard vol met schappen, van allerlei deelwetenschappen, en elke wetenschap heeft schappen van alle drie genoemde soorten.

Beginnen we bij de wiskunde.
Ik zie dat de schappen KENNIS boordevol zijn, de schappen HYPOTHESE en SPECULATIE lijken leeg.
Dat klopt ook wel, wiskunde is eigenlijk een spel met zo weinig mogelijk spelregels, en daarmee moet je allerlei puzzeltjes oplossen. Al heb je er in de praktijk veel aan, het heeft geen relatie tot de werkelijkheid. Een punt heeft geen omvang, terwijl een lijn, die je toch echt van A naar B ziet gaan, uit punten bestaat. En als A en B niet aan de einden zijn gezet heet de AB een lijnstuk en is de lijn oneindig, terwijl je die toch op een A-viertje getekend hebt.
1 + 2 = 3 geldt alleen als we ons aan de afspraken houden. Ik kan gemakkelijk, in 9 algebraïsche equations, bewijzen: 1 = 2.
Heel abstract allemaal.
Er zijn wel problemen en stellingen die gedefinieerd worden die onoplosbaar zijn, maar dat heeft niks met hypothese of speculatie te maken.
Ik heb een keer met de computer de priemgetallen berekend van 1 tot 1.000.000, en ze daarna afgedrukt op rijen van 100 breed, niet als nummer maar als “*”, om te kijken of er een patroon zichtbaar werd. Mooi behangetje meneer, zegt de wiskundige dan, maar nu nog even het bewijs.
Er is sprake van n-dimensionale stelsels, die volgens mij geen reëel probleem gaan oplossen - maar binnen het abstracte kader is dat prima te hanteren.

Gaan we naar fysica, ik doel nu op natuur- en scheikunde in de breedste zin.
Het schap met KENNIS is boordevol, behoorlijk wat bergruimte. Begrijpelijk, want je hebt iets tastbaars in je handen. Zelfs de kleinste deeltjes kunnen zichtbaar gemaakt worden.
Er zijn ook behoorlijk wat schappen HYPOTHESE - testbaar en werkbaar. Ook begrijpelijk, je ziet wat voor je ogen gebeuren, en je vraagt je wat af in het licht van bestaande kennis.
Er is ook een schap SPECULATIE, behoorlijk gevuld. Iets over multiversum, snarentheorie, oersoep en het ontstaan van leven - overgangsgebied naar een andere wetenschap. En zelfs worden er plekken in het heelal gedacht waar sprake is van meer dimensies dan wij kennen.

Er is ook een afdeling theologie. Daar heeft ooit iemand geprobeerd de fik in te steken, zegt de man in de winkel, maar dat is niet gelukt.
Er zijn behoorlijk wat schappen met KENNIS. Kan dat?
Wel, als je theologie beschouwt als inzicht in hoe het godsbeeld is ontstaan, en hoe die tot zo’n gemankeerde verhouding tot de mens is geraakt - dan kan dat uiteraard.
Maar het schap is ook gevuld met pretenties van kennis over God zelf, en zijn verhouding tot de mensen. Daar werd die pyromaan een beetje opgewonden van.
Ik persoonlijk zou er de voorkeur aan geven de historische behandeling op het schap KENNIS te laten liggen. En al het andere rücksichtslos naar het schap SPECULATIE. Maar ja, ik heb het niet voor het zeggen

Er is wel iets raars aan de hand bij theologie. In het vervolg komen een paar hoofdstukken uit de wetenschappelijke canon langs die verwarring en controverse hebben veroorzaakt. Zo niet bij theologie.
Bij filosofie is een man gepromoveerd, Jan Auke Riemersma, op het bestaan van God - ik meen: vooral als godsbeeld. In de commissie zat ook een atheïst.
Binnen theologie is iemand gepromoveerd, Emanuel Rutten, op het hoofdstuk godsbewijs: voor alle duidelijkheid, hij meent te kunnen bewijzen dat God bestaat.
Beide geschriften hebben geen stof doen opwaaien.

Dan is er een afdeling voor het zoogdier mens: medicijnen / biologie / evolutie.
Het schap KENNIS is goed gevuld. Wat medicijnen en biologie betreft: terecht, zou ik zeggen, maar hier en daar toch ook te goed gevuld.
Ik doel nu op het inzicht in de invloed van het nuttigen van alcohol op het organisme. Een kennis die huisarts is, zei dat hij klantjes moest voorhouden: twee glazen wijn per dag, maximaal. Ik doe het braaf hoor, Leonardo, zei die, maar waar ze het vandaan halen, ik zou’t niet weten. En zo schreven vorig jaar drie chirurgen van academische ziekenhuizen in NRC Wetenschap: geen druppel per dag, iedere druppel is er één te veel. Nu stijgt de gemiddelde leeftijd, en zo ook de gemiddelde gezondheidstoestand van de mens, en dat is toch echt niet alleen voorbehouden aan niet-drinkers.
Ik denk dat dit inzicht op de plank HYPOTHESE hoort, en ik vraag me af of het de toets der kritiek zal doorstaan. Ik heb ernstige vraagtekens bij de manier waarop de observatie tot stand is gekomen.

Mag het schap KENNIS bij evolutie gevuld zijn?
Ik weet het niet. We hebben Darwin, en zijn heiligverklaring. Geen misverstand, voor mij is evolutie absoluut geen vraag, maar het is en blijft een theorie. Er zijn een heleboel tekenen die er op wijzen - ik zou zeggen data die beter aan wetenschappelijke criteria voldoet dan de proxies van klimatologie. Maar, mag je het dan kennis noemen?
Ik zou zeggen verschuif eens een heleboel naar hypothese.
Misschien dat er daarom in de handboeken hoofdstukken zijn opgenomen: evidence for evolution.
Misschien dat er daarom wel een site is die heet: why evolution is true. Van een scholar die zichzelf wel serieus neemt, maar vindt dat ie door het (Amerikaanse) publiek niet serieus genomen wordt.

Hier is een controverse van heb ik jou daar ontstaan. Een filosoof, opnieuw een filosoof, Joris van Rossum, promoveerde op een proefschrift waarin hij de evolutionaire theorie over de geslachtelijke voortplanting ter discussie stelde. De wereld was te klein. De evolutionist community op haar achterste benen. En een gemor uit duizend kelen: wil een filosoof ons vertellen hoe de evolutie in elkaar steekt?
Het zal iets over theologie zeggen dat daar geen opwinding was over genoemde proefschriften, maar het zal ook iets zeggen over het zelfbewustzijn/zelfvertrouwen van de evolutionisten.

Ik zou zeggen, wat evolutie betreft mag er ook wel het één en ander van de schappen HYPOTHESE naar de schappen SPECULATIE worden verplaatst.

En zo ben ik aanbeland bij mijn uitgangspunt: het pad loopt van wiskunde via fysica via theologie via biologie en evolutie naar klimatologie. En niet voor niks, de bedoeling is dat er alvast wat eyeopeners langs zijn gekomen voor wat ik nu ga zeggen.

De schappen van KENNIS zijn bij klimatologie behoorlijk gevuld. De eigenaar van de winkel ziet mijn gezicht op vraagteken staan, en geeft toe: ik weet ook niet of het op de juiste plek terecht is gekomen. Er is veel discussie. Iedere keer als er weer iets binnenkomt, vraag ik: waar? En nog heeft iemand niet zijn mond opengedaan KENNIS! of een ander roept, helemaal niet, HYPOTHESE!
Dat beeld herken ik. Dat zien we op deze site veelvuldig.

Laat ik als lichtend voorbeeld nemen de hockeystick van Mann.
Mann en nog een paar onderzoekers publiceerden iets over opwarming, wat bekend is geworden als de hockeystick: het klimaat is flink op drift geraakt. Let wel: dat is niet de wetenschap die dit zegt, dat is Mann et al die dit zegt.
Dat werd bekritiseerd door de Canadezen McIntyre en Ross McKitrick. Opnieuw: dat was niet de wetenschap die sprak, dat waren twee geleerden die hierover hun licht lieten schijnen.
Dat leidde tot een controverse, een knoop die het Amerikaanse Congres doorgehakt wilde zien. Dat benoemde een illuster trio geleerden, die terugkwamen met lang niet zulke malse kritiek op het werk van Mann, alsmede op de peer reviews. Let wel, dit is weer niet wat de wetenschap zegt, dit is wat een illuster trio geleerden zegt.
De controverse was hiermee niet opgelost, maar dat boeit me nu niet. Waar het mij hier omgaat is dit: er is een dispuut binnen de deelwetenschap klimatologie, en daar is geen eensluidende uitspraak over gekomen. Dé wetenschap zegt dus niks! Het helpt dan niet veel, wat zeg ik, het draagt helemaal niets bij, om linkjes heen en weer te gaan sturen: dit is de wetenschap.

De wetenschap is: er is geen eenduidig inzicht, er is geen eensluidende uitspraak, dit weten mag maximaal in het schap HYPOTHESE terecht komen. De winkelier was het met me eens, en gezamenlijk hebben we een groot deel van wat bij klimatologie op de schappen KENNIS lag naar HYPOTHESE verplaatst.
Tevreden vroeg de handelaar in inzicht of ik een kopje thee lustte. We gingen naar het achterhuis. De thee was nog niet gezet, of er kwam een oorverdovend lawaai vanuit de winkel. We renden er heen, maar konden de tussendeur niet openkrijgen, die was geblokkeerd. Het heeft even geduurd voordat we die deur weer open hadden. Ondertussen was het lawaai verstomd.
De winkel lag er netjes bij, geen rotzooi.
Alleen, de schappen SPECULATIE en HYPOTHESE van klimatologie waren helemaal leeggeroofd. Op het eerste gezicht dan. Toen we beter keken bleek dat alle inzicht bij klimatologie verplaatst was naar de schappen KENNIS.

NB
Dit is de zesde van een aantal impressies van wat zich in de climate wars afspeelt.
Deze serie wordt begeleid door wat speldeprikjes.
Voor het eerste speldeprikje zie: mankind stumbling

Tuesday, March 6, 2018

claims in desperate want of evidence

Wat het klimaat betreft regeert de angst.
Angst is een slechte raadgever, vooral bij het verwerven van inzicht. Verwerven van inzicht is een behoedzaam proces, en angst gooit alle behoedzaamheid overboord.
De angst regeert op beide fronten: bij de alarmisten - zij die zeespiegels en temperaturen tot onhanteerbare niveaus zien groeien - en bij de deniers die de schrik om het hart slaat als ze horen welk beleid er op de angst van de alarmisten gemaakt wordt.

De angst van de alarmisten, de zogenaamde AGW hypothese:
- als gevolg van de menselijke CO2-uitstoot wordt de dampkring een broeikas: de gemiddelde globale temperatuur zal oplopen
- die verhoging van de temperatuur zal de voorraad ijs drastisch doen smelten, hetgeen tot een substantiële verhoging van de zeespiegel zal leiden
- als de mens, als veroorzaker van die CO2-uitstoot, en daarmee van de verhoging van de zeespiegel, haar gedrag op korte termijn niet drastisch verandert, dan zal de habitat van de mens ernstig aangetast worden, en daarmee de soort bedreigd worden

De angst van de deniers is een gevolg van het gehoor dat de alarmisten gevonden hebben bij hen die regeringsbeleid maken, en de maatregelen die (nu reeds) genomen worden.
- de oorzaak wordt gelegd bij de energiesector, dus de energievoorziening moet op de schop worden genomen
- de energievoorziening wordt op de schop genomen zonder dat er werkbare alternatieven zijn
- dat gaat in het algemeen leiden tot maatschappelijke ontwrichting
- dat gaat in het bizonder leiden tot verdere verarming van het armere deel van de bevolking dat geconfronteerd zal worden met onbetaalbare energierekeningen

De angst voor de aantasting van de leefbaarheid van onze planeet staat tegenover de angst voor de aantasting van de leefbaarheid van onze planeet.
Maar, dit zijn stuk voor stuk claims die onder de loep moeten worden genomen: kloppen ze in het algemeen, klopt de omvang van het drama dat achter iedere claim zit - én: klopt de kansrekening? Ik stel vast: er is op dit moment geen sprake van een acceptabele kwantificering van de claims.

En dan zijn er ook nog een paar impliciete claims.

Een eerste onbenoemde claim is dat de ene groep de gevolgen van haar claims zwaarder laat wegen dan de gevolgen van de claims van de andere groep. Dus de alarmisten maken zich niet druk om het mislukken van de overstap naar andere energie, terwijl de deniers zich geen zorgen maken om de verhoging van de zeespiegel.

Een tweede claim is dat hier iets georganiseerd gaat worden. Je zou kunnen zeggen: omdat de alarmisten angst hebben, en dus haast hebben, gaat de hele wereld op de schop. De claim is dat iedereen daaraan meedoet, omdat iedereen wel moet.

Een derde claim is dat dit een werkje is van overheden, en dat die competent zijn.
We hebben enige ervaring met overheidsprojecten in Nederland. Het deltaplan is goed verlopen: dijken bouwen konden we. Daar staat tegenover dat we vooral in de laatste tijd heel veel overheidsprojecten hebben gezien die òf regelrecht mislukt zijn òf qua tijd kosten en opbrengst in de min zijn geëindigd.
Wie naar Amerika kijkt ziet dat Republikeinen en Democraten nauwelijks met elkaar praten, hetgeen nogal eens leidt tot stilstand van de overheid.
In de regeringscentra die er toe doen wordt het beleidswerk beïnvloed, zo niet gestuurd, door think tanks en andere lobbyisten - waarbij particuliere en financiële belangen de doorslag geven.

Een vierde claim is dat alle mogelijke alternatieve oplossingen zouden zijn geïnventariseerd en gewogen. Over kernenergie of gaswinning in de Waddenzee wordt niet gesproken. Energievoorziening is een kritische functie: kan de CO2-uitstoot ook verminderd worden door minder kritische productieprocessen om te vormen?

Een vijfde, onuitgesproken claim is dat we nu weten hoe we het aan moeten pakken - én bovenal: dat we weten hoe het niet moet. We is dan de wetenschap, en in haar kielzog de technologische ontwikkeling. Het is de combinatie van deze twee geweest die ons op dit punt van de state of the world heeft gebracht. De wetenschappers, noch de toepassers van de wetenschap hebben ons in het verleden weten te waarschuwen voor de nadelige gevolgen die ze nu zeggen waar te nemen.

NB
Dit is een speldeprikje, uitgedeeld tijdens het "bestuderen" van het wel en wee van de climate wars.
Voor het volgende speldeprikje zie: gesprach uber klimaschutz

Eqilibrium Climate Sensitivity

Er is een wetenschappelijk concept dat heet: climate change én, in het verlengde daarvan, ECS: eqilibrium climate sensitivity.
Er is nog zo’n concept: globally averaged surface temperature dat een rol speelt in climate change: ik kan me daar wat bij voorstellen, of je die goed kunt meten weet ik niet (er worden modellen gebruikt), of je er wat mee kunt lijkt me zeer de vraag (ik weet heel zeker dat je geen eeuwgemiddelde kunt vaststellen).

Er is een natuurwetenschapper, Arons, die in een leerboek voor de studenten wat aanwijzingen - marks - heeft opgenomen voor hoe ze om moeten gaan met een wetenschappelijk concept. De eerste luiden (in verkorte vorm)
- recognize that scientific concepts are invented by acts of human imagination and intelligence and are not tangible objects
- recognize that to be understood and correctly used, such terms require careful operational definition, rooted in shared experience
Zwaartekracht is zo’n concept dat we al lang kennen, waar we goed over kunnen praten, dat we kunnen meten en ook kunnen gebruiken.

Van het klimaat weten we dat het er niet altijd hetzelfde uitgezien heeft - onze epistemologische basis voor het bestaan van climate change. Ons gebrek aan conceptual insight wordt wel het beste geïllustreerd denk ik doordat het klimaat uit vele grootheden bestaan, maar dat we het maar over één kenmerk hebben: de temperatuur.
Ik constateer twee dingen:
- de staat van het klimaat in het verleden: we zien geen bomen maar weten zeker dat we het bos zien
- de staat van het klimaat in het heden: we zien ontzettend veel bomen, maar weten zeker dat we het bos zien

Ik blijf dat ECS een rare term vinden. Dat had ik al in eerdere post I've read the science opgemerkt - tegen het gebruik van de wetenschap in. Ik heb daar niet veel commentaar op gehad, al werd het wel eigenwijs gevonden. Wel, laat ik dit voor de goede orde even bevestigen: ik kan behoorlijk eigenwijs zijn. En, als het moet, kan ik ook standvastig eigenwijs zijn.
De Engelse wiki geeft me trouwens gelijk, waar geschreven staat: Here it should be noted that the term "equilibrium," though widely used, is a misused; the climate system is far from the situation of a dynamic equilibrium, which requires equal and opposite fluxes on all paths ... Tussen haakjes, dat wel. Laat ik er, buiten die haakjes nog aan toe voegen: to understand the concept requires insight in the fluxes on all paths.

En dan schrijft Marcel Crok, sprekend over een dispuut rond ECS, over the three main approaches (instrumental observation based, palaeoclimate proxy-observation based, and GCM simulation/feedback analysis based) en dat hij en Lewis kiezen voor instrumental observation based.
Wait a moment ... objection your honour, hij schrijft niet: instrumental observation based.
Nee, de kop van het hoofdstuk luidt: Instrumental estimates are superior.

Estimates are superior!
Wat schrijven Cox et al (Nature january 2018, received July 2017)? Equilibrium climate sensitivity (ECS) remains one of the most important unknowns in climate change science.

En ik krijg hetzelfde gevoel als ik nu zo’n veertig jaar geleden had over het geloof: ik ben belazerd door m’n vader (een gereformeerde ouderling) en door de dominee - belazerd omdat ze wisten dat het niet waar was, de vader van die dominee was notabene hoogleraar in de exegese aan de VU.
Ik word gewoon belazerd over het klimaat. Door de gezagdragers, zoals Verheggen, maar ook Crok die niet afwijzend staat tegenover de wetenschap, en door de ouderlingen - onheilsprofeten en politici, waarvan d’r hier ook een handjevol rondlopen. Ze proberen me te belazeren!
Ik zou haast zeggen: theologie is steviger verankerd als wetenschap dan klimatologie.

En ik herhaal mijn oproep uit mijn post:
... klimatologie lijkt me de aangewezen wetenschap om wijzigingen in het klimaat te registreren, de herkomst daarvan te onderzoeken, en daarbij zaken als verhouding tussen kracht van de oorzaak en omvang van het gevolg of de vertraging tussen oorzaak en gevolg te onderzoeken.
Volgens mij is daar een boel werk te verzetten.

NB
Dit is de vijfde van een aantal impressies van wat zich in de climate wars afspeelt.
Voor de volgende impressie zie: inzicht op een rijtje

een rechtse hoek

Ik ben - voor even hoor! - in een rare hoek van het politieke universum terecht gekomen. Die hoek van het universum waar zich veel ontevreden volk ophoudt. Personen voor wie het leven niet veel in petto bleek te hebben. Personen, die dan niet naar zichzelf kijken, maar het leven, de wereld de schuld geven. Volk dat roept: ze doen maar wat in Den Haag ... ze moeten mij altijd hebben. En als ze het woordje “ze” niet gebruiken, dan hebben ze altijd nog het woordje “men”. Men doet maar wat.

Mensen waarvan je hun lijfspreuk bijna kunt invullen:
het leven is als een lekkere meid
die zelden neukt maar wel iedere dag schijt


Volk met een groot gehalte PVV - én, kun je daar tegenwoordig aan toevoegen, met een hoge graad van Trump-empathie.
Trump doet heel veel goed voor alle Amerikanen.
Als Wilders de baas was zou het volk NL ook zeer gezegend zijn.
Volk dat je toe zou willen roepen. gaat slapen, gij ontevredenen der aarde.

Dat ik me daar nu beweeg, is omdat ik een serieuze zorg met ze deel: de ophanden zijnde energietransitie. Er wordt daarover gediscussieerd, op een goeie manier naar mijn smaak, en daaraan heb ik enkele bijdragen geleverd, die ook hier op mijn blog zijn te vinden.

Er loopt daar nog wat ander volk rond: een paar linkse ettertjes. Nou ja, of ze links genoemd kunnen worden? Ik vergelijk ze met ouderlingen, en denk dan vooral aan hun calvinistische inborst.
Eentje noemt zich links - Groen Links.
Ik vind ze vooral antidemocratisch.
Als PVV-volk vervelend genoemd moet worden- wel, van mij mag je dan ook aan linksig volk denken.
Ze verstieren de discussie als echte trollen, ze gunnen hen, die met echte zorgen zitten en daarover met anderen van gedachte willen wisselen, geen rust - en eigenlijk zouden ze die mensen ook hun platform willen ontnemen.
Die Groen Linkse jongen zegt het ook openlijk: de PVV (en FvD) zijn antidemocratische partijen.
Ik vind het persoonlijk een doodzonde om een democratisch opererende burger - Wilders - en een democratisch opererende groep mensen - Wilders-kiezers - antidemocratisch te noemen. Dan ben je zelf bezig de democratie te ondermijnen.

Ik ben geen Wilders fan. Ik vind sommige van zijn gedragingen ronduit laakbaar, en ik heb daaraan ook uiting gegeven. Maar ik heb Wilders nooit beticht van antidemocratisch gedrag.
Sterker, ooit heb ik geschreven: als Wilders een gevaarlijke man zou zijn voor de democratie, dan moet Maxim Verhagen toch als eerste een groot gevaar voor de democratische kwaliteit van het staatsbestel NL worden genoemd ... dan een hele tijd niks, en dan, bijvoorbeeld, mogelijkerwijs, Wilders.
Wel heb ik over het algemeen negatief over Wilders geoordeeld en daarvan ook kond gedaan wanneer dat zo aan de orde kwam. Maar ik heb ook, in relativerende zin, positief over de Wilders-stemmers geschreven - beter gezegd: over de hypocrisie van de “bewuste” kiezer die zich zorgen meent te moeten maken om het stemgedrag van de ontevredenen.

Omdat ik mij nu in die hoek bevind waar zich ook behoorlijk wat kiezers van Wilders bevinden, lijkt het me niet onhandig om nog eens bij mezelf na te gaan hoe ik vandaag tegenover Wilders sta.

Wel, dat is voor geen millimeter veranderd. Ik vind een aantal van zijn gedragingen laakbaar, hij is geen gevaar voor de democratie, maar ... hij zal van z’n levensdagen mijn stem niet krijgen. Nooit!
Ik heb inmiddels drie fundamentele bezwaren tegen hem.

De eerste is al heel oud. In Vrij Nederland, ik meen 1998, stond een interview met een beginnend kamerlid. Begonnen als medewerker van Bolkestein, had hij op de kieslijst van de VVD een verkiesbare plek gekregen, en zo was hij in de bankjes terecht gekomen. Hij zei tegen VN: van links is nog nooit iets goeds gekomen. Was getekend: Geert Wilders.
Dat je dat op een verkiezingsbijeenkomst zegt, soit. Dat je dat in een debat met die vermaledijde Melkert zegt: ik kan het billijken, en wil het ook nog wel begrijpen. Maar in een interview, en dat ook nog met een serieus blad als VN, waarbij verwacht mag worden dat je laat zien dat je niet voor niks als beleidsmaker in het parlement zit - ik vond het ongehoord.
Ik vond het vooral ongehoord omdat het de grootste leugen is die over links is verteld, groter dan de leugen van Den Uyl en Duisenberg als potverteerders en puinschoppers. Het demonstreert een bedroevend laag niveau van algemene ontwikkeling door dit te zeggen, door te ontkennen wat het linkse gedachtengoed heeft betekent voor de waardering van de factor arbeid én de mensen die die arbeidsfactor invulden.
En ik wist op dat moment, en heb dat ook vastgelegd: dit is een gevaarlijke man.

Wilders heeft zijn stemmers veel dingen beloofd. Dan doen politici veelvuldig, dus dat is Wilders, die een raspoliticus is, niet kwalijk te nemen.
Maar toen kreeg hij de kans om het waar te maken. Hij werd door Maxime Verhagen als gedoger bij het kabinet Rutte I gehaald. (Alleen al daarom vind ik Verhagen en het CDA gevaarlijker als onbetrouwbare factor: herinner jezelf de behandeling die Ab Klink kreeg, en herinner jezelf het “at your service” van Camiel Eurlings.)
Wilders kreeg kansen om eindelijk te doen wat hij wilde doen voor de arme kiezer, de ontevreden NL-er. Zijn kiezer, die het o zo moeilijk had: in achterstandswijken tussen de moslims, onder een rechtsstaat die niet voor hem was ingericht.
Hij faalde niet, zoals zoveel politici die kansen krijgen.
Hij liep weg. Er is een naam voor dat weglopen: angsthazerij. Bang voor de verantwoordelijkheid.
Hij deed wat hij alle andere politici verweet: hij liet zijn kiezers in de kou staan.
O jawel, hij verzon zijn smoesje, zoals iedere politicus dat kan, en zijn smoesjes waren goed. Maar z’n praatjes deugden niet, zoals ze nooit gedeugd hebben.
Dat is mijn tweede fundamentele bezwaar tegen Wilders.

Mijn derde bezwaar is zijn omgaan met het recht en de rechtspraak.
Wilders is lid van de Tweede Kamer, dat wil zeggen: een lid van de wetgevende vergadering. Deze man heeft speciale verplichtingen tegenover de rechtsstaat. Als er iemand is die de rechtsstaat serieus moet nemen, moet eerbiedigen en beschermen tegen uitholling door loze en vooral oenige praat daarover, dan is het wel een kamerlid.
Wilders is daarin in alles de tegenpool geweest van wat een kamerlid hoort te zijn.
Hij was niet vies van loze en oenige praat over recht en rechtspraak, zoals dat gewoonlijk uit de volksmond komt. Hij had geen enkele eerbied voor het recht en haar rechtsprekers. En hij heeft die rechtsstaat ook niet beschermd, in ieder geval niet voor gelijkheid van allen die onder die rechtsstaat leven. Daarin, moet ik zeggen, is hij heel dicht bij de kwalificatie “een gevaar voor de democratie” gekomen.

Nee, Wilders zal nooit, maar dan ook nooit, mijn stem krijgen. Beter gezegd: ik doe altijd braaf mee aan de verkiezingen voor de Tweede Kamer. Maar uitsluitend met één doel: om een tegenstem te bieden aan partijen als de PVV en in een poging om te verhinderen dat zulk soort politici in grote getale de kamer binnenmarcheren.

Monday, February 19, 2018

ons standpunt ... en nu: waar dan heen ... oh, waar toch heen

Er wordt wel gepraat over 1 of 1,5 graad, of over 3 of 4 meter stijging van respectievelijk temperatuur en zeespiegel in de blogosphere. Er worden allerlei grafiekjes rondgeslingerd. De situatie op Venus wordt er bijgehaald. Maar, essentiële vragen worden niet gesteld. Ondertussen is, in de woorden van climategate.nl, het schip Energietransitie uitgevaren.
Dat soort projecten heeft een grote mate van risicogevoeligheid. Niet vaak genoeg kan daar bij stilgestaan worden. En het spijt me zeer, ga maar onderzoek doen, maar bij overheidsprojecten is er weinig, heel weinig goed gegaan gelet op kosten, tijdstip van oplevering, en gerealiseerde opbrengst.
Ben ik daar bang voor bij dit project, de energietransitie? Ik zet nog maar eens de cruciale zorgen (ik tel er 8) op een rijtje. Oordeel zelf maar over wat ik zie als roekeloze onwil en gevaarlijk onvermogen.

NB De nu volgende tekst is op climategate verschenen onder dezelfde titel

CO2 als oorzaak van de verwachte extra opwarming
Ik schrijf “verwachte”. Er lijkt een correlatie te zijn tussen wisselingen in CO2-concentratie en temperatuurgemiddelden.
Opnieuw, ik schrijf “lijkt”. Het hangt er vanaf hoe lang je de periode neemt. Het hangt er ook vanaf hoe serieus je de datapunten neemt die geplot zijn in de figuur die die correlatie weergeeft: die data is voor het overgrote deel afgeleid van proxies op diverse momenten, in tijd en geografie op grote afstanden, dan wel ingevuld middels extrapoleren.
Daarbij is er sprake van een dispuut over de recente, meetbare ontwikkelingen: the pause, én de aangekondigde kleine ijstijd die zich niet gemanifesteerd heeft.
Over the pause wordt smalend gesproken onder de deniers, over de niet verschenen ijstijd wordt smalend gesproken door de alarmisten. Onder de alarmisten doet ook nog een merkwaardige “klimatologische constatering” de ronde: the pause is een teken dat zij - de alarmisten - des te meer gelijk hebben, terwijl de niet verschenen ijstijd een teken is dat de deniers er niks van begrijpen.
Hoe dan ook: de relatie tussen CO2 en temperatuur is niet eenduidig, en berust op correlatie waarvan de vraag is: de kip of het ei.
De vraag luidt dan ook: hebben we voldoende inzicht in de relatie tussen CO2 en gemiddelde wereldtemperatuur dat zulke ingrijpende maatregelen, als sommige regeringen voorstaan, zijn gerechtvaardigd?

het o zo gevoelige klimaat
Klimaatgevoeligheid wordt bestudeerd. Er is geconstateerd dat zich in het verleden klimaatwisselingen hebben voorgedaan.
Kun je dan iets zeggen over de toekomst? Dat moet onderzoek binnen die wetenschap Klimatologie uitwijzen.
Hier is iets vreemds aan de gang. Alles is gericht op CO2, als oorzaak, en alles is gericht op temperatuurwijziging, lees opwarming, als gevolg. Maar, je ziet in het verleden meerdere klimaatwijzigingen, niet altijd gepaard gaande met wijziging van CO2-concentratie.
Is er eigenlijk voorafgaand onderzoek gedaan naar de oorzaak van klimaatschommelingen in het verleden? Ik durf met zekerheid te beweren: Nee! Om twee redenen.
Ten eerste is het onmogelijk om over zo’n diep verleden andere uitspraken te doen dan zeer speculatieve - ik denk dat het woord hypothese hier ten onrechte gebruikt zou worden. Niet alleen falsificatie is onmogelijk, maar je kunt ook geen laboratoriumopzet bedenken die die onbekende gecompliceerde processen zou kunnen weerspiegelen.
Ten tweede zie ik vooral paniek om fenomenen die in het verleden de klimaatwisseling begeleidden, zoals zeespiegelwijziging en de af- en toename van ijs.
De vraag luidt dan ook: weten wij voldoende van klimaatgevoeligheid om te kunnen voorspellen dat de volgende ijstijd met 100.000 jaar is uitgesteld?

de geleerden hebben ons hier gebracht
Klimaatalarmisme past in het puinhoopdenken, zo in zwang sinds Pim Fortuyn.
De veronderstelde puinhoop waar wij het nu over hebben, de energievoorziening, is ons niet gebracht door onze politici. Andere landen vinden ook dat ze met zo’n puinhoop zitten.
Voor zover dat een puinhoop is (ik ben het daar nog lang niet mee eens) is die maar uit één hoek gekomen: die puinhoop is ons gebracht als begeleidend fenomeen bij de vooruitgang, die mogelijk werd gemaakt door de technologische ontwikkeling die mogelijk werd gemaakt door de wetenschap. (Voor de goede orde: ik ben blij met die vooruitgang, en ik ben vooral blij dat ik niet de puinhopen hoef te beleven die er daadwerkelijk geweest zouden zijn als die vooruitgang er niet was geweest.)
De wetenschap heeft dus niet opgelet, zou je kunnen zeggen. Ze was als de tovenaarsleerling die de dingen niet meer onder controle had.
Wetenschap is uiteraard een diffuus ding. De wetenschappers die die technologische ontwikkeling mogelijk hebben gemaakt, zijn dood. De nu levende wetenschappers hebben de resultaten van hun voorgangers tot puinhoop bestempeld.
De vraag luidt dan ook: hebben die dode wetenschappers niet goed opgelet of zijn de levende wetenschappers te voorbarig met hun conclusie?

de manmade climate change: de mens boven de natuur
Eén ding is duidelijk (voor de levende wetenschapper): de mens - wij dus, de levenden die op twee benen rondlopen - is de schuldige.
Er zit enige arrogantie in deze redenering. De mens is onderdeel van de natuur. De mens heeft, evenals dieren en planten, zijn eigen rol in de biotoop. De uitwisseling tussen de mens en andere natuurlijke fenomenen is geen andere, wordt niet anders bepaald of bestuurd, dan die tussen bijv. bomen en de natuur.
Dus wij kunnen de natuur niet kapot maken. Als het klimaat verandert als gevolg van onze aanwezigheid - en dat is niet ondenkbaar gezien onze numerieke aanwezigheid - is dat een volkomen natuurlijke zaak. Wij hoeven ons daaraan niet schuldig te voelen.

The origins of warmism lie in a cocktail of ideas which includes anti-industrial nature worship, post-colonial guilt, a post-Enlightenment belief in scientists as a new priesthood of the truth, a hatred of population growth, a revulsion against the widespread increase in wealth and a belief in world government. It involves a fondness for predicting that energy supplies won’t last much longer (as early as 1909, the US National Conservation Commission reported to Congress that America’s natural gas would be gone in 25 years and its oil by the middle of the century), protest movements which involve dressing up and disappearing into woods […] and a dislike of the human race (The Club of Rome’s work Mankind at the Turning-Point said: “The world has cancer and the cancer is man.”).

Een citaat van een journalist, dit keer eentje die niet gecharmeerd is van alarmisme: Charles Moore in zijn bespreking van het boek The Age of Global Warming van Rupert Darwall.

Iemand zei tegen me: misschien dat, nu God verdwenen is uit ons leven - en daarmee de zondeval! - dat ons reptielenbrein een nieuwe inwendige stem nodig heeft - een soort plaatsvervangend atavisme - zodat we ons ervan bewust blijven dat we nietig staan tegenover de wereld en het uitspansel boven ons - en opdat we weten dat als Moeder Natuur zichtbaar lijdt, dat dat dan onze schuld is!
Ofwel, naar het Gereformeerde Formulier om het Heilig Avondmaal te houden: een iegelijk onderzoeke zijn consciëntie aldus of hij zich met deze, hierboven bedoelde ondeugden besmet weet, en zich dus bezwaard moet voelen met this cocktail of guilty-ideas - the world has cancer and the cancer is man.
De vraag luidt dan ook: moeten wij, fatsoenlijk levende mensen, gestraft worden vanwege schuldgevoelens die de alarmist community geïnternaliseerd heeft?

Believe in the Devil, I say, and we’ll go on believing in him unless we get better reasons than we’ve got for not believing in him. That’s science!

Kurt Vonnegut, ARMAGEDDON IN RETROSPECT

kan de mens dit keer weten wat hij doet
De mens, dat is: de levende have aan wetenschappers. Weten zij nu wel waar ze het over hebben. Weten ze wat ze doen. Hebben ze alle consequenties op een rijtje.
Laat mij ook een voorspelling doen: het antwoord is nee.
Daar heb ik geen modellen voor nodig, daar hoef ik niet voor te extrapoleren, daar hoef ik zelfs niet voor na te meten. Ik kan het rechtstreeks bij de alarmisten halen.
De Club van Rome: The world has cancer and the cancer is man! Of, volgens Rosanne Hertzberger in NRC: “Vervuiling, uitsterving en grootschalige disruptie zijn de regel, niet de uitzondering bij menselijke activiteit. Hoofdverdachte bij globale verschijnselen die de afgelopen eeuw plotseling optraden is altijd als eerste de mens.”
Ik kan ook naar onze (nabije) buren kijken, Denemarken en Duitsland.
In Duitsland hebben de gezagsdragers de buik vol van wind- en zonne-energie. In Denemarken hebben ze hun buik vol van al die windturbines.
De vraag luidt dan ook: kunnen wij de wetenschap dit keer vertrouwen dat ze onze vooruitgang zonder mankeren op het juiste spoor zet?

de well informed alarmist people tegenover de well informed deniers
Ik herken enkele categorieën in de mensen die bewogen worden door de klimaatproblematiek. De deskundige alarmisten tegenover de deskundige deniers. Veel informed people tegenover veel informed people.
Ik constateer dat het aantal goed geïnformeerde deniers behoorlijk groot is. De database van DESMOG en de non peer review base van Skeptical Science zit boordevol. Te vol ook om de 97% consensus van de IPCC te verklaren.
Ik heb nogal wat van die deniers geraadpleegd. Geleerden van naam en faam, Nobel-laureaten, Politici, Schrijvers, Journalisten - de één met wat meer gezag sprekend dan de ander. Ik heb daar niet de indruk aan overgehouden dat ze allemaal uit hun nek kletsen. Sterker, ik heb niet de indruk dat ze in redelijkheid onderdoen voor de alarmisten.
De vraag luidt dan ook: wordt het niet tijd dat we even pas op de plaats maken, dat we die tegenovergestelde meningen bij elkaar roepen, en dat daar onder objectieve leiding gewerkt wordt aan een gezamenlijk gedragen actieplan?

kan dat: pas op de plaats
Het is 1953. Een ramp treft Zuid Nederland onbarmhartig. Als door een wonder blijf ik gespaard.
Daar wordt een deltaplan opgesteld. Dijkverhoging, sluiting van gevaarlijke zeegaten, en betere alarmsystemen. De uitvoering heeft nogal wat voeten in de aarde. Maar, het werk vordert gestaag.
Dan moet, als sluitstuk, de Oosterschelde gesloten worden. De Zeeuwen, dat deel van mijn familie dat daar nog woont, zijn blij. Maar er komt discussie: wat een zonde van het onderwaterklimaat. Een beroepsgroep wordt boos: de vissers. Discussies en oponthoud. Mijn familie is er niet blij mee.
Er wordt iets vernuftigs gevonden: een afsluitbare stormvloedkering. Iedereen gaat er na veel discussie achter staan. Het werk is een kleine twee jaar stilgelegd geweest (juli 1974 tot april 1976)
De Oosterscheldekering wordt opgeleverd oktober 1986. Ruim 33 jaar na De Ramp zijn de Deltawerken voltooid.
Ze willen nu binnen een decennium de kolencentrales sluiten. Kan daar misschien nog even over nagedacht worden?
De vraag luidt dan ook: kan het schip Energietransitie even voor anker gaan, om de resultaten van wind- en zonne-energie te evalueren, en het sluiten van kolencentrales aan te houden tegen recente gegevens over groene energie, om waar nodig de koers bij te stellen?

de gereformeerde ouderling, de vervolger van ketters
Op climategate lopen een paar alarmistische zeloten rond (en los). Laat ik hier hun alter ego’s opvoeren: Alva en Saulus van Tarsus: er mag geen misverstand over bestaan wat voor soort ik voor ogen heb. Er kan geen mening verschijnen of die twee, Alva en Saulus springen er bovenop. Beide hebben een verschillende manier van benaderen.

Alva doet het op deze manier.
- begrijp jij de dingen wel? NEE! KNAL!
- heb jij dat zelf verzonnen? JA!! HOUW!!
- kun jij niet logisch denken? NEE!!! BHAAM!!!
Er kan geen mening voor het luikje komen of het zwaard wordt getrokken.

Paulus - ik doel hier op de Saulus die Paulus werd, niet zozeer vervolger van zondaren, maar brenger van zeer moralistische boodschappen, ook vol van zonde - doet dat iets anders: die preekt.
- weet jij wel dat het niet netjes is om zo te reageren?
- weet jij wel dat je met de verkeerde mensen omgaat?
- weet jij wel dat dat je niet wandelt in het Licht?
Er kan geen mening voor het luikje komen of het evangelie van Scientists as the Priesthood of the Truth, De Wetenschap die God is, wordt tevoorschijn gehaald, en zij die zich daaraan niet houden gaan in de ban. Maar worden bij volharding in hun ongeloof wel blijvend bediend met de apostolische vermaningen.

Wat is daar aan de hand? Die zeloten hebben geen enkel belang in de discussie. De onderhavige post is niet hun geloof. De betreffende auteur hebben ze niet als hun dominee verkozen. De meningen die daarop geuit worden zijn niet hun meningen. Dus je zou zeggen, schouders ophalen en naar je eigen kerk gaan.
Maar nee, het lijkt wel alsof je niet anders mag denken dan volgens het alarmistenWoord, en dat nuancering of ontkenning daarvan òf met het zwaard gestraft moet worden òf met de brandstapel, en anders wel met levenslange verbanning van de fora. Een stormvloedkering voor een regenbuitje aan onwelgevallige meningen.
Zou er gevaar schuilen in die discussie? Is het denkbaar dat de alarmisten het er benauwd van krijgen? Dat ze voelen: nog even, en onze geloofwaardigheid is weg?
En waar halen Alva en Paulus dat vandaan? Wordt dat gesubsidieerd en beloond? Krijgen ze daar het ene kwartaal een dinerbon voor, om het andere kwartaal gratis de dan actuele musical te mogen bezoeken? Wellicht één keer per jaar een snoepreisje op kosten van ... ja, van wie eigenlijk?
De vraag luidt dan ook: wat is de functie van de klimaatouderlingen in dit spel, wie heeft dat georganiseerd, wie financiert dat?

NB
Dit is de vierde van een aantal impressies van wat zich in die climate wars afspeelt.
Voor de volgende impressie zie: Eqilibrium Climate Sensitivity

I've read the science

Op climategate.nl wordt uitgebreid gediscussieerd over klimaatgevoeligheid. Tussen Bijkerk, een lid van het team van climategate, en Guido van der Werf, klimatoloog en hoogleraar aan de VU op dat terrein. Ik heb daar een bescheiden bijdrage aan geleverd. Klimaatgevoeligheid roept nogal wat vragen bij mij op. Die vragen heb ik benoemd.
De nu volgende tekst is, met een iets andere inleiding, op climategate verschenen onder de titel de assertiviteit van het klimaat
Mijn vragen zijn van dien aard dat je mij van de AA mag noemen: ik ben AntiAlarmist.

Klimaatgevoeligheid, of climate sensitivity (vanwege het hanteren van Angelsaksische bronnen zullen ook de Engelse termen opduiken) - wat is dat eigenlijk. Toen ik een post van Van der Werf daarover onder ogen kreeg heb ik me daarbij eigenlijk niks afgevraagd. Ik was gelijk gefascineerd door de techniek.
Mensen met astma of artritis hebben graag een stabiel klimaat, mensen met depressies hebben graag een omgeving met veel zon, zeilers willen graag wind en recreatiefietsers hebben liever niet altijd tegenwind. En de boeren hier in mijn omgeving willen graag veel en vaak regen.
Windkracht, bewolking en neerslag hebben we het dan over.
Maar met klimaatgevoeligheid wordt hier niet aan die mensen gedacht die belang hebben, voor hun gezondheid of voor hun humeur, aan plezierige omstandigheden. Nee, hier spreken we van de gevoeligheid van het klimaat zelf.
Eén element heb ik dan nog niet genoemd: temperatuur.
Dat is het element dat Van der Werf in zijn post noemt: “Deze [de klimaatgevoeligheid] geeft aan hoe gevoelig de mondiaal gemiddelde temperatuur is voor een verandering in forcering.” Dus terwijl het klimaat (minstens) 4 ijkpunten heeft, wordt hier temperatuur genomen als de maatstaf voor de gevoeligheid van het klimaat.

Wat is dat nou precies: klimaatgevoeligheid. Wiki wil dan nog wel eens helpen. Wiki NL is niet zo uitgebreid, maar de omschrijving begint wel met een rare zin: “Meestal wordt de term klimaatgevoeligheid gebruikt wanneer men spreekt over stralingsforcering door een hogere CO2-concentratie,” Dat kan natuurlijk niet het begin zijn van een omschrijving, laat staan van de definitie van (een deel van) het kenobject van wetenschap. De Engelse wiki begint met een fatsoenlijke definitie, waarin wat mij betreft één tekortkoming: de invloed van CO2 wordt als vaststaand geponeerd. Volgens mij is dat één van de grote discussiepunten. Vervolgens komt onmiddellijk daarna een soortgelijke observatie als in de wiki NL: “Although climate sensitivity is usually used in the context of radiative forcing by carbon dioxide (CO2), it is thought of as a general property.”
Volgens mij moet de drive om klimaatgevoeligheid te onderzoeken liggen in de in het verleden waargenomen klimaatschommelingen, en moet het doel zijn de oorzaken van die schommelingen op te sporen. En als één van die “gekende“ schommelingen veroorzaakt zou worden door variaties in de omvang van CO2, en als dat robuuste kennis is, dan zou dat niet aangeduid moeten worden met “usually used”.
Ik vind het een regelrechte lacune dat ik in de literatuur die ik gelezen heb ... ik bedoel nu de dagelijkse literatuur, de “usual use”; ik begrijp dat ik in de universiteitsbibliotheek uitgebreider informatie kan vinden ... dus in de publieke omgeving alleen CO2 genoemd wordt, en als boosdoener wordt beschouwd, en alleen de invloed op de temperatuur.

Gelukkig heeft de Engelse wikischrijver veel zelfvertrouwen, want over die schommelingen schrijft hij: “climate sensitivity depends on the initial climate state, but potentially can be accurately inferred from precise palaeoclimate data”. Tweemaal fout. Als er climate sensitivity is als natuurkundig fenomeen dan hangt dat niet af van een initiële status.
Belangrijker disinformatie: “precise palaeoclimate data”. We betreden dan het terrein van de paleoklimatologie. Daarvan zegt wiki NL “De informatie die uit al deze proxygegevens wordt gehaald over het vroegere klimaat kan worden gebruikt om klimaatmodellen op te stellen. Men kan dan op deze manier proberen na te gaan of klimaatveranderingen tijdens het Holoceen, en met name gedurende de laatste ± 100 jaar een natuurlijke oorzaak hebben of te wijten zouden kunnen zijn aan menselijke invloeden.” Ik geloof niet dat ik ooit een slechtere omschrijving heb gevonden van het object van een wetenschap.

NB er wordt vaak een beroep gedaan op wiki. Dat is begrijpelijk voor leken, en ook redelijk hanteerbaar voor een eerste survey. Maar de vakgeleerden doen het ook, en het gebruik van wiki wordt tijdens de academische studie gepropageerd. Wel, de wikiartikelen over het klimaat zijn op z’n zachtst gezegd zeer gekleurd, en helemaal gericht op climate change door CO2. Het ligt in mijn bedoeling om ook daar een post aan te wijden.

Proxydata dus. Het woord zegt precies wat het is: over de toestand van het klimaat in een gegeven periode weten we niks, we leiden het af uit de resultaten van sporenonderzoek.
Ten eerste is die palaeoclimate data niet overvloedig aanwezig. Daar zitten hiaten in, wat betreft jaartelling, en wat betreft geografische spreiding. En, hoe minder proxy, des te meer interpretatie.
De vondsten worden gesorteerd met behulp van een dateringsmethode. Dat levert een kleine reeks op van historische waardes, waarbij de tussenliggende cijfers vervolgens op basis van hypotheses worden ingevuld. Dat invullen gebeurt met behulp van modellen.
Let wel wat hier staat: modellen om het gedrag van het klimaat te voorspellen worden dus gevoed met equations en datareeksen die uit modellen komen!

NB Ik heb grote moeite met de wijze van gebruik van modellen voor wetenschappelijke doeleinden - en stevige kritiek op de settled-verklaring van de wetenschap Klimatologie op basis van het spelen met die modellen. Maar ook dat is iets voor een andere post.

Dan komt de grote vraag: als je zo’n reeks data hebt, en je ziet schommelingen, kun je dan ook in het verleden kijken om de oorzaak vast te stellen?
Ik stel vast dat wetenschappelijk denken hier rechtstreeks vervangen is door doemdenken. Eén van die sporen is het verdwijnen en weer terugkomen van de massa ijs. Eén van die sporen is dat de zeespiegel schommelt. Als dat nu sporen zijn die duiden op klimaatwisseling, dan is het toch onwetenschappelijk om een verwachting van een volgende zeespiegelwijziging, of veranderingen in de massa ijs als een noodsituatie te bestempelen, waar de mens hoognodig wat aan moet doen.
Ik heb daarmee naar mijn mening de vraag beantwoord: het denken wordt beheerst door doemdenken omdat er geen antwoord is.

Als je op die manier wetenschap bedrijft, moet je nog een vraag beantwoord hebben, of in ieder geval aan het begin van je queeste proberen te beantwoorden: is het klimaat een cybernetisch systeem? Volgens mij is die vraag niet beantwoord. Er is wel natuurkunde waarop het gedrag van het klimaat geïnterpreteerd kan worden, maar er zijn geen meteorologische wetten gedefinieerd. Er is geen zicht op de onderlinge verhouding tussen de ijkpunten bij een primaire wijziging in één daarvan.
Ik begon met het opnoemen van enkele factoren die het klimaat bepalen: het voortdurende gedrag van temperatuur, wind, neerslag, bewolking (atmosferische druk hoort daar ook bij). Uit alles wat ik lees blijkt dat er (voornamelijk, in ieder geval in de publieke ruimte) naar temperatuur gekeken wordt. Als het klimaat een cybernetisch systeem is dan mag je verwachten dat de numerieke wijziging in één factor leidt tot een numerieke wijziging in een andere factor. Ik zou bij mijn speurtocht graag ontdekt hebben dat daaraan aandacht geschonken zou worden. Er wordt wel iets geroepen over de hoeveelheid en kracht van orkanen, maar dat blijkt allemaal gebakken lucht.

Nogmaals: is het klimaat een cybernetisch systeem?
Stel JA. Dan hoeven we ons geen zorgen te maken. Dan zal de geleidelijke toename van CO2 naar een hoger plafond opgevangen worden door dat systeem. CO2 is, klimatologisch gesproken, geen giftige stof. Het klimaat heeft wel voor hetere vuren gestaan. De inslag van een meteoriet in Mexico, de Chicxulubkrater. De uitbarsting van de Tambora in 1815, nog geen 70 jaar later gevolgd door de uitbarsting van de Krakatau (1883) Ruim veertig jaar na de Tambora noemde iemand dat gebied een gordel van smaragd, en die naam heeft het altijd behouden, ook vlak na 1883.
Stel NEE: dan kunnen we ons uiteraard zorgen maken. Van der Werf mag met recht en reden vanuit zijn wetenschappelijke werk ongerust zijn. Maar met evenveel recht en reden mag ik dan vertrouwen op een normale voortzetting van de gang van zaken, zoals de historie van de aarde die al tig jaar laat zien: wat er op de aarde ook gebeurt, aan natuurlijke catastrofes en aan leefgedrag van de de biotoop bepalende soorten: de wereld is gewoon zijn rondjes blijven draaien.
Persoonlijk ben ik van mening dat wij te nietig zijn om desastreus te kunnen optreden.

Ik schreef: een geleidelijke toename.
Hiermee komen we op twee begrippen die in deze materie ook een rol spelen. Bij de klimaatgevoeligheid wordt onderscheid gemaakt tussen evenwichtsgevoeligheid, en overgangsgevoeligheid.
De overgangsgevoeligheid wordt experimenteel gemeten door een langzame stijging van de concentratie van broeikasgassen in te voeren.
De evenwichtsgevoeligheid wordt experimenteel gemeten, door de concentratie aan broeikasgassen ineens te verdubbelen, dat als evenwicht te benoemen, en dan te kijken naar de temperatuurverhoging.
Daaraan kun je zien dat het onhandige begrippen zijn. En dat de klimaatwetenschap gefixeerd is op - zo niet geobsedeerd door - CO2 waarbij de kennis van oorzaak en gevolg voor gegarandeerd wordt aangenomen.

Evenwichtsgevoeligheid vraagt: is climate change denkbaar terwijl andere systemen in rust zijn. De toestand die hier geschilderd wordt - CO2-verdubbeling - is geen evenwichtstoestand. Er is iets gebeurd, CO2-toename, wat het klimaat aan het schommelen brengt. Het CO2-woelen mag dan misschien als beëindigd beschouwd worden, het aanpassen gaat nog even door. Iets als onderzoek naar een “vertragingsfactor” zou het kenobject aanmerkelijk verhelderen.
Stel, je vindt evenwichtsgevoeligheid terwijl er in de buitenwereld niets is gebeurd. Onzinnige veronderstelling - dat wordt uiteraard niet in een model gestopt, waarmee je climate change wilt verklaren.
Overgangsgevoeligheid is daarmee ook een loos begrip geworden. Beweging in een systeem kan er maar op twee manieren komen: vanuit het systeem zelf - de endogene factor, dat zou dan een perpetuum mobile veronderstellen - of vanuit een ander systeem - de exogene factor. In het laatste geval spreken we gewoon van klimaatgevoeligheid.

Dus klimatologie lijkt me de aangewezen wetenschap om wijzigingen in het klimaat te registreren, de herkomst daarvan te onderzoeken, en daarbij zaken als verhouding tussen kracht van de oorzaak en omvang van het gevolg of de vertraging tussen oorzaak en gevolg te onderzoeken.
Volgens mij is daar een boel werk te verzetten.
Een hint. Mag ik opmerken dat klimaatverandering ook weer repercussies heeft voor de exogene factor. The alarmist movement is daar wel de allerbeste illustratie van.

Er zijn nog twee elementen die bij klimaatgevoeligheid een rol spelen: forcings en feedbacks.
Forcings zijn de elementen die het klimaat beïnvloeden, bijv. schommelingen in de activiteit van de zon. Er zijn ook gedachte forcings: de uitstoot door de menselijke activiteit van CO2. Ik herhaal: nog te bewijzen. Ook hier geldt: alhoewel er meerdere forcings zijn wordt in de publieke ruimte de nadruk geheel gelegd op CO2.
Feedback binnen het klimaatsysteem betekent: een forcing doet zijn invloed gelden, het systeem reageert daarop. Er wordt daarbij onderscheid gemaakt tussen positieve en negatieve feedback. Persoonlijk heb ik bezwaar tegen die termen. Het feit dat iets plust of iets mint op meetwaarden zegt niets over het karakter daarvan. Als er een feedback is die mint op de temperatuur dan is het klimaat dus in staat tot een positieve correctie.
Ik zie her en der ook nog dat ze opgeteld worden bij elkaar, en tot één parameter worden gemaakt (dan heb je uiteraard plus en min nodig). Dat is cybernetisch én modelmatig gesproken een doodzonde.
Uit wat ik lees, en uit bijv. de discussies tussen Van der Werf en Bijkerk kan ik niet afleiden dat er veel zekerheid bestaat over die feedback

Dat zijn nogal wat vraagtekens die ik hier opsom. Mag ik dat doen. Je zou kunnen zeggen, de vraagtekens zijn meer kennistheoretisch, bijna filosofisch.
Lawrence M. Kraus, een groot fysicus, heeft zich categorisch tegen de invloed van filosofie op wetenschap gekeerd - filosofen stellen wetenschappelijk gesproken niets voor en moeten zich niet met wetenschap bemoeien. De filosoof Massimo Pigliucci heeft die handschoen opgepakt en dat commentaar van een behoorlijk weerwoord voorzien. Het is uiteraard een onoplosbare kwestie.

Wel, als de huisfilosoof van klimaatverandering.nl, G.J. Smeets, op basis van de kennistheorie mag zeggen “iedereen met zijn eigen waardestelsel is opgezadeld met de klimatologische constatering dat het klimaat ongekend snel verandert door ons toedoen” dan kan ik met meer reden, en meer recht, deze vraagtekens plaatsen.
Smeets gaf ook aan geen zicht op de materie te hebben, als hij een door mij gemaakte vergelijking tussen economische modellen en klimaatmodellen becommentarieert:” Het voordeel van klimaatmodellen is dat ze uitgaan van basale natuurkunde”. Dat is minder dan een halve waarheid: er wordt basale natuurkunde toegepast. Belangrijke uitgangspunten van de modellen vind je in de meteorologische equations. En dat is geen robuuste kennis.

Mogen journalisten er over meepraten? Natuurlijk, behalve dan dat een journalist die er positief over schrijft omarmd wordt, en niet gevraagd wordt naar zijn antecedenten, laat staan peer reviews, terwijl negatieve berichtgeving als tendentieus wordt afgedaan.
Hier is een voorbeeld van een “positieve” journalist. Het is Sam Parry, van consortiumnews.com, een internetmedium en een journalist die ik hoog heb zitten. Nadat hij over de “crisis” waarin wij verkeren gezegd heeft “I have kids. I’d like to have a greater sense of hope. But I’ve read the science.” vervolgt hij:
“Human civilization’s inability to seriously confront this crisis is akin to knowing that a giant meteor is on a collision course with Earth in 50 to 100 years and doing nothing about it, besides questioning the mathematics that charts the trajectory of the meteor.”
Het roept bij mij enkele vragen op:
- als hij de science heeft gelezen, waarom heeft hij dan, zoals ik, niet de behoefte gevoeld om vraagtekens te zetten (en de man is gewend grote vraagtekens met rood potlood te zetten bij iedere bewering die uit de mond van een autoriteit komt)
- zijn vergelijking met die meteoriet: wel, we hebben ervaring met meteorieten - ze zijn catastrofaal en je kan er niks tegen beginnen, terwijl we ook ervaring hebben met het klimaat - er hebben catastrofale gebeurtenissen plaats gevonden, maar het klimaat heeft er niet onder geleden

Van der Werf heeft mij zelf geïnspireerd tot die vraagtekens. In zijn post zegt hij: “Om te claimen dat overgangs-klimaatgevoeligheid onder de 1 graad ligt moet je je in mijn ogen in heel vreemde bochten wringen. Dan schuif je alle bekende kennis opzij en vertrouw je op ongefundeerde hoop. Ik zou willen dat ik dat kon.” Daarbij drukt hij naar mijn smaak een iets andere onzekerheid uit, een zwaardere, dan opgelost kan worden met de standaarddeviatie. Ik heb Van der Werf daarnaar gevraagd: wat is de aard van jouw onzekerheid. hoe groot moet ik die inschatten? Ik heb (nog) geen antwoord gekregen.

NB
Dit is de derde van een aantal impressies van wat zich in die climate wars afspeelt.
Voor de volgende impressie zie: ons standpunt ... en nu: waar dan heen ... oh, waar toch heen